Verbeterde offertes per e-mail in plaats van via e-Procurement: de Kamer verliest de gevelrenovatie van het Paleis der Natie
De Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat rangschikten MA2 Project en ORIGIN Architecture & Engineering als gelijkwaardig voor de architectuuropdracht voor de gevelrenovatie van het Paleis der Natie, vroegen beide inschrijvers hun offerte te verbeteren en lieten die verbeteringen per gewone e-mail binnenkomen — terwijl hun eigen bestek indiening via e-Procurement met een gekwalificeerde handtekening oplegde — en de Raad van State vernietigde daarop, via de verkorte procedure van artikel 17, § 9, de gunning aan ORIGIN.
Wat gebeurde er?
De Kamer van volksvertegenwoordigers en de Senaat plaatsten samen een overheidsopdracht voor diensten voor architectuurdiensten bij de renovatie van de gevel van het Paleis der Natie. Punt D.3 van het bestek was ondubbelzinnig: de offerte moest uiterlijk op dinsdag 22 april 2025 om 12.00 uur toekomen, uitsluitend elektronisch via het e-Procurementplatform, en moest ondertekend zijn met een geldige gekwalificeerde elektronische handtekening van een bevoegde persoon — ‘een gescande handtekening volstaat niet’. Na de analyse van de offertes besloten de aanbesteders dat de offertes van de BV MA2 Project en van de BV ORIGIN Architecture & Engineering op de gunningscriteria gelijkwaardig waren. Met toepassing van artikel 87, § 2, van het KB van 18 april 2017 nodigden zij beide inschrijvers uit hun offerte te verbeteren. De instructie luidde: stuur uw schriftelijk antwoord per e-mail naar een adres van de Kamer. Aan MA2 Project liet de Kamer op 22 september 2025 per e-mail weten dat de antwoorden, ‘om alle inschrijvers gelijk te behandelen’, niet zouden worden gelezen vóór 16.00 uur die avond, het uiterste tijdstip voor de antwoorden. Bij beslissingen van respectievelijk 25 november en 1 december 2025, aan MA2 Project betekend op 2 december 2025, gunden de Kamer en de Senaat de opdracht aan ORIGIN. MA2 Project vorderde op 16 december 2025 de schorsing en de vernietiging van die gunning én van de impliciete beslissing om de opdracht niet aan haar te gunnen. Bij arrest nr. 265.475 van 20 januari 2026 verwierp de Raad het beroep als onontvankelijk in zijn tweede voorwerp — een afgewezen inschrijver kan de impliciete weigering enkel aanvechten als hij aantoont dat de opdracht hém moest worden gegund — maar schorste hij de gunningsbeslissing omdat het tweede middel, in zijn tweede onderdeel, ernstig was. De redenering: door de verbeterde offertes per e-mail te laten indienen, gebruikten de aanbesteders een gewoon elektronisch communicatiemiddel in de zin van artikel 14, § 1, van de wet van 17 juni 2016, dat niet dezelfde waarborgen tegen misbruik biedt als een platform in de zin van artikel 14, § 7 — geen zekerheid dat niemand de gegevens vóór de uiterste datum kon inzien, geen duidelijk detecteerbare inbreuken. Een e-mail waarin de Kamer belooft niets te lezen vóór 16.00 uur, kan daar redelijkerwijs niet mee worden gelijkgesteld. De aanbesteders verdedigden zich met het argument dat een verbetering geen nieuwe offerte is maar een loutere mededeling, vergelijkbaar met een prijsverantwoording (art. 36, § 2) of met het zonder voorbehoud handhaven van een offerte (art. 89, tweede lid). De Raad volgde dat niet: een verbetering op grond van artikel 87, § 2, laat toe dat essentiële elementen zoals de prijs wijzigen, dwingt tot een minstens gedeeltelijke herbeoordeling en kan de rangschikking omgooien. Zij moet dus worden gelijkgesteld met het indienen van een eindofferte, en artikel 14, § 7, maakt geen onderscheid tussen een eindofferte en de oorspronkelijk ingediende offerte. Dat ook MA2 Project zelf per e-mail had geantwoord, deed niet af aan haar belang: die werkwijze was haar opgelegd. Noch de verwerende partijen, noch de derde-belanghebbende dienden binnen dertig dagen na de betekening van het schorsingsarrest een verzoek tot voortzetting in. Auditeur Philippe Nicodème vroeg in een nota van 4 maart 2026 de toepassing van artikel 11/2 van het algemeen procedurereglement; geen van de partijen vroeg om te worden gehoord. MA2 Project vroeg op haar beurt de voortzetting niet na de verwerping van het tweede voorwerp, zodat zij op grond van artikel 17, § 10, wordt geacht van dat deel van haar beroep af te zien. De VIe kamer zag geen reden om af te wijken van wat in het schorsingsarrest was geoordeeld, verklaarde het tweede middel in zijn tweede onderdeel gegrond en vernietigde de gunningsbeslissing. MA2 Project vroeg een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro; omdat bij toepassing van artikel 11/2 geen verhoging verschuldigd is, kende de Raad 770 euro toe. De Kamer en de Senaat dragen elk de helft van de kosten: 200 euro rolrecht, 26 euro bijdrage en die 770 euro.
Waarom doet dit ertoe?
De vraag die hier beslecht wordt, leeft in elke aanbestedingsdienst die ooit twee ex aequo gerangschikte offertes op tafel kreeg: is de verbetering waartoe artikel 87, § 2, uitnodigt een nieuwe offerte of gewoon nog een bericht in de correspondentie? De Raad van State kiest resoluut voor het eerste, en doet dat met een argument dat verder reikt dan de tekst: wat de rangschikking kan omgooien, is een offerte. Daarmee komt de volledige formele bagage mee — indiening via het platform van artikel 14, § 7, een indieningsrapport, een gekwalificeerde handtekening van een bevoegde persoon, en de sanctie van artikel 76, § 1, vierde lid, dat het ontbreken daarvan tot een substantiële onregelmatigheid bestempelt. Even belangrijk is wat het arrest zegt over belang. De Kamer wierp op dat MA2 Project zelf per e-mail had geantwoord en dus niet kon klagen. De Raad antwoordt dat het belang bij een middel wordt gemeten aan het nadeel dat de aangevoerde schending heeft veroorzaakt of kon veroorzaken: wie de door de wet gewaarborgde zekerheid mist dat zijn verbeterde prijs geheim bleef tot het uiterste tijdstip, is daardoor benadeeld, ook zonder bewijs dat er iets is misgelopen. Een belofte van de aanbesteder vervangt geen technische waarborg. Ten slotte toont de zaak hoe zuinig het vervolg op een schorsing kan verlopen: dient niemand binnen dertig dagen een voortzettingsverzoek in, dan kan de Raad via artikel 17, § 9, en artikel 11/2 zonder terechtzitting vernietigen — met als keerzijde voor de verzoeker dat de verhoging van de rechtsplegingsvergoeding wegvalt, hier het verschil tussen 924 en 770 euro.
De les
Nodigt u als aanbesteder twee gelijkwaardig gerangschikte inschrijvers uit om hun offerte te verbeteren, laat die verbetering dan langs exact dezelfde weg binnenkomen als de oorspronkelijke offerte: via het e-Procurementplatform, met indieningsrapport en gekwalificeerde handtekening. Een e-mailadres van uw dienst is een communicatiemiddel, geen platform, en de belofte dat u de antwoorden pas na het uur leest, is juridisch waardeloos. Vergeet ook niet dat uw eigen bestek u bindt: punt D.3 schreef e-Procurement voor, en het beginsel patere legem quam ipse fecisti maakt van die afwijking op zich al een onwettigheid. Bent u inschrijver, dan hebt u hier twee dingen geleerd. Ten eerste: dat u de opgelegde werkwijze hebt gevolgd, ontneemt u het recht niet om ze aan te vechten — de keuze was niet de uwe. Ten tweede: het volstaat aan te tonen dat u waarborgen bent misgelopen, u hoeft geen lek of manipulatie te bewijzen. Signaleer de onregelmatigheid liefst meteen, maar weet dat het middel ook achteraf overeind blijft. En houd, wanneer de aanbesteder na een schorsing geen voortzetting vraagt, rekening met een vernietiging op stukken en met een rechtsplegingsvergoeding zonder verhoging.
Te onthouden
- Een verbetering van de offerte op grond van artikel 87, § 2, van het KB van 18 april 2017 geldt als het indienen van een eindofferte, niet als een loutere mededeling: zij kan essentiële elementen zoals de prijs wijzigen en de rangschikking omgooien.
- Daaruit volgt dat artikel 14, § 7, van de wet van 17 juni 2016 van toepassing is: indiening via het elektronische platform, met indieningsrapport en gekwalificeerde handtekening (artt. 42 tot 44 KB), op straffe van substantiële onregelmatigheid (art. 76, § 1, vierde lid KB).
- E-mail is een elektronisch communicatiemiddel in de zin van artikel 14, § 1, maar biedt niet de waarborgen van § 7; een geschreven belofte van de aanbesteder om niets vroeger te lezen, vervangt die waarborgen niet.
- De inschrijver die de opgelegde e-mailweg heeft gevolgd, behoudt zijn belang bij het middel: het verlies van wettelijke waarborgen is op zich een nadeel, los van enig bewijs van misbruik.
- Dient niemand binnen dertig dagen na de betekening van het schorsingsarrest een voortzettingsverzoek in, dan kan de Raad via artikel 17, § 9, en artikel 11/2 van het procedurereglement vernietigen zonder terechtzitting.
- Bij toepassing van artikel 11/2 is geen verhoging van de rechtsplegingsvergoeding verschuldigd: gevraagd 924 euro, toegekend 770 euro, naast 200 euro rolrecht en 26 euro bijdrage, door de Kamer en de Senaat elk voor de helft gedragen.
- Het beroep tegen de impliciete beslissing om de opdracht niet aan de verzoeker te gunnen, was onontvankelijk: die censuur is enkel mogelijk als de verzoeker aantoont dat de opdracht hém moest worden gegund.
Waarop letten
- Het bestek als eigen bindende norm: punt D.3 legde e-Procurement en een gekwalificeerde handtekening op, en patere legem quam ipse fecisti maakt van een afwijking daarvan meteen een onwettigheid.
- Het onderscheid tussen artikel 14, § 1 (elk niet-discriminerend, courant elektronisch middel) en artikel 14, § 7 (platform met vertrouwelijkheids-, toegangs- en detectiewaarborgen).
- De valse analogie met een prijsverantwoording (art. 36, § 2) of met het handhaven van een offerte zonder voorbehoud (art. 89, tweede lid): die laten de offerte ongemoeid, een verbetering niet.
- Het vermoeden van afstand van artikel 17, § 10: wie na een gedeeltelijke verwerping geen voortzetting vraagt, verliest dat deel van zijn beroep definitief.
- De keerzijde van de verkorte procedure voor de verzoekende partij: snelle vernietiging, maar een rechtsplegingsvergoeding zonder verhoging.
Stel jezelf de vraag
Behandelt u een verbetering op grond van artikel 87, § 2, van het KB Plaatsing als een volwaardige eindofferte, met indiening via e-Procurement, een indieningsrapport en een gekwalificeerde handtekening? Of laat u ze per e-mail binnenkomen omdat dat sneller gaat? Hebt u nagegaan of de indieningsmodaliteiten die u zelf in het bestek hebt opgelegd, in élke fase van de procedure worden nageleefd — ook in de fases die u pas onderweg bedenkt? Beseft u als inschrijver dat u een onregelmatige werkwijze kunt aanvechten ook al hebt u ze zelf gevolgd, zolang de aanbesteder ze u oplegde? En weet u dat het verlies van een wettelijke waarborg op zich volstaat als nadeel, zonder bewijs dat uw prijs effectief te vroeg is ingekeken?
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →