Een attest op andermans naam: de Raad van State schorst voor de tweede keer de architectuuropdracht voor het crematorium van Héron, nu omdat Neomansio een zichtbare moeilijkheid in de selectie onbesproken liet
Nadat de Raad van State de eerste gunning al had geschorst, gaf Neomansio de architectuuropdracht voor het crematoriumcentrum in Héron opnieuw aan Triangle Architectes voor 594.845,00 euro exclusief btw en onderbouwde zij de kwalitatieve selectie deze keer met een tabel per criterium — maar dat attest van goede uitvoering waarop de begunstigde zich voor het stabiliteitscriterium beriep, vermeldt als uitvoerders enkel een architect en een algemene aannemer die noch de begunstigde noch haar onderaannemer zijn, en juist die moeilijkheid benoemde de aanbesteder nergens, zodat de gunning opnieuw werd geschorst.
Wat gebeurde er?
De coöperatieve vennootschap Neomansio plaatste een overheidsopdracht voor architectuurdiensten voor de bouw van een crematoriumcentrum in Héron: een volledige studieopdracht met architectuur, stabiliteit, speciale technieken, akoestiek, veiligheidscoördinatie ontwerp en uitvoering en EPB, onder bestek nr. 2025/003. Bij arrest nr. 265.503 van 21 januari 2026 had de Raad van State de eerste gunningsbeslissing van 14 november 2025 al bij uiterst dringende noodzakelijkheid geschorst. Neomansio trok die beslissing in op 13 maart 2026 en betekende dat aan alle inschrijvers. Op 4 april 2026 ondervroeg zij de inschrijvers over verschillende aspecten van hun offerte die met de kwalitatieve selectie te maken hadden; alle inschrijvers antwoordden. Op 14 mei 2026 stelde de adjunct-directeur-generaal een nieuw verslag van nazicht van de offertes op. De eindrangschikking van de regelmatige offertes luidde: Triangle Architectes 91 % voor 594.845,00 euro exclusief btw, Lacomble Architecture 73,59 % voor 703.494,00 euro en HE-Architectes 64,32 % voor 664.657,00 euro. Op 22 mei 2026 selecteerde de raad van bestuur de drie inschrijvers, verklaarde hij hun offertes volledig en regelmatig, keurde hij het verslag goed als integrerend deel van de beraadslaging en gunde hij de opdracht aan Triangle Architectes als economisch voordeligste regelmatige offerte op basis van de beste prijs-kwaliteitsverhouding. Dat is de bestreden beslissing. De combinatie Lacomble Architecture, Ledroit Pierret Polet Architectes et Associés en Architectes Perry Weber & Associés vorderde op 1 juli 2026 opnieuw de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid. Hun enige middel richtte zich niet tegen de gunning zelf, maar tegen de motivering van de kwalitatieve selectie: welke lezing was aan de begrippen ‘salon funéraire’, funerarium en crematorium gegeven, welke referenties waren precies weerhouden voor de begunstigde, op welke derden beriep zij zich en wat was er met het UEA van onderaannemer Econologic aan de hand? Neomansio antwoordde dat de verzoekers in werkelijkheid het volledige selectiedossier van een concurrent wilden inzien om het nazicht over te doen, en dat de formele motivering zover niet reikt. Triangle Architectes kwam tussen en sloot zich daarbij aan. De Raad van State volgde de aanbesteder op de principes. De vereiste omvang van de motivering hangt af van de omstandigheden: over de selectie mag zij algemener en beknopter zijn zolang de selectieprocedure geen bijzondere moeilijkheden of vragen doet rijzen, op voorwaarde dat de beoordeling bij lezing van de dossierstukken controleerbaar blijft. Duikt er wél een moeilijkheid op, dan moet de formele motivering die vermelden en uitleggen waarom ze volgens de aanbesteder is opgelost. De Raad verwierp uitdrukkelijk de stelling dat de aanbesteder voor elk selectie- of uitsluitingsgegeven zoveel detail moet prijsgeven dat een derde het nazicht zelf kan overdoen — zeker niet wanneer stukken onder het zakengeheim vallen. Hij voegde eraan toe dat het bestek niet uitsluit dat eenzelfde referentie voor meerdere selectiecriteria meetelt, en dat arrest nr. 263.286 van 13 mei 2025 dat in het algemeen evenmin verbiedt. Op één punt liep het voor Neomansio toch mis. Voor selectiecriterium nr. 5, het stabiliteitsluik, beriep Triangle Architectes zich op de draagkracht van een onderaannemer. Het attest van goede uitvoering in het dossier vermeldt de tussenkomst van die onderaannemer echter niet duidelijk: als betrokkenen worden enkel een architect en een algemene aannemer genoemd, die verschillen van zowel de begunstigde als de onderaannemer op wiens capaciteit zij steunt — ook al staan de naam en de contactgegevens van die onderaannemer wel in de hoofding en de voettekst van het document. Ter zitting merkte Neomansio zelf op dat het attest voor die stabiliteitsreferentie was afgeleverd aan het bureau HE, en bevestigde zij, op vraag van de auditeur, dat er geen andere analysetabel van de selectiecriteria bestaat. Terwijl de opdrachtdocumenten voor dat criterium een door de bouwheer ondertekend attest van goede uitvoering eisen, identificeerden noch de bestreden beslissing noch het administratief dossier die moeilijkheid, en evenmin lieten zij begrijpen waarom de referentie in die omstandigheden toch kon worden aanvaard. In die mate was het eerste onderdeel van het enige middel ernstig wegens schending van de formele motiveringsplicht; de overige grieven hoefde de Raad niet meer te onderzoeken. Bij de belangenafweging stelde hij vast dat Neomansio geen negatieve gevolgen van een schorsing aanwees en dat hij er zelf ook geen zag. De tussenkomst van Triangle Architectes werd ingewilligd, de schorsing bevolen en de onmiddellijke uitvoering van het arrest gelast. Het stuk 4 van de verzoekers, de stukken B, C, D, F.1 tot F.6 en I.1 tot I.6 van het administratief dossier en het stuk 3 van de tussenkomende partij blijven in dit stadium vertrouwelijk — waarbij de Raad benadrukte dat die vertrouwelijkheid hem niet belet die stukken zelf te onderzoeken. De kosten, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding, werden aangehouden.
Waarom doet dit ertoe?
Dit arrest tekent de grens van de motiveringsplicht bij de kwalitatieve selectie scherper dan de meeste. Aan de ene kant krijgt de aanbesteder gelijk op iets waar afgewezen inschrijvers graag op aandringen: er bestaat geen recht op een uitputtende verantwoording waarmee men het selectieonderzoek zelf kan overdoen. Verloopt de selectie zonder bijzondere moeilijkheden, dan volstaat een algemenere en beknoptere motivering, en het zakengeheim rechtvaardigt dat niet elk detail van andermans referenties op straat komt. Een tabel met per criterium een concrete appreciatie — ontwerp of renovatie, welk type installatie, welke datum van vergunning, eigen capaciteit of die van een onderaannemer — is geen stereotiepe formule maar een aanwijzing dat er werkelijk is nagekeken. Aan de andere kant kantelt precies datzelfde criterium zodra er een moeilijkheid zichtbaar wordt. Dan is beknoptheid geen optie meer: de beslissing moet de moeilijkheid benoemen en uitleggen waarom ze volgens de aanbesteder is weggenomen. Het scharnier ligt dus niet in de hoeveelheid tekst, maar in de vraag of het dossier zelf vragen oproept. Hier deed het dat: een attest van goede uitvoering dat de bouwheer moest ondertekenen, noemde als uitvoerders partijen die noch de begunstigde noch haar onderaannemer waren. Dat is geen detail maar de kern van wat het attest moet bewijzen. Leerzaam is ook de aanleiding tot deze tweede ronde. Neomansio had na de eerste schorsing haar beslissing ingetrokken, de inschrijvers bevraagd en een nieuw verslag opgesteld — een correcte reflex. Toch volgde een tweede schorsing, omdat het herstel niet ver genoeg ging: de bijkomende bevraging zat wel in het dossier, maar het sluitstuk — uitleggen welke twijfel daarmee was weggenomen — ontbrak nog altijd. Een tweede gunningsbeslissing na een schorsing wordt strenger gelezen, niet soepeler.
De les
Bent u aanbesteder, behandel uw selectietabel dan als een verslag en niet als een vinkjeslijst. Voor de criteria die vlot in orde zijn, volstaat een beknopte maar concrete appreciatie. Voor elk punt waarover in uw eigen dossier een vraag rijst — een attest dat een andere naam draagt dan de inschrijver of de onderaannemer, een UEA op naam van de verkeerde entiteit, een referentie die u voor twee criteria laat gelden — schrijft u uitdrukkelijk op wat het probleem is en waarom u het opgelost acht. Wie die moeilijkheid verzwijgt, verliest niet op de grond van de zaak maar op de motivering. Vraagt uw bestek een door de bouwheer ondertekend attest van goede uitvoering, controleer dan of het attest ook werkelijk de partij aanwijst wier bekwaamheid u erdoor bewezen acht. En bereid u erop voor dat een tweede beslissing na een schorsing van dichtbij wordt bekeken: bevragingen organiseren volstaat niet, u moet hun resultaat ook verwerken in de motivering. Bent u inschrijver, richt uw pijlen dan op de aantoonbare zwakke plek in plaats van op de volledige selectie. Eisen dat u alle stukken van een concurrent krijgt om het nazicht over te doen, wordt afgewezen: de formele motiveringsplicht gaat zover niet, en het zakengeheim weegt mee. Bedenk ook dat eenzelfde referentie voor meerdere criteria mag meetellen zolang het bestek dat niet uitsluit. Wat wél werkt, is één concrete tegenstrijdigheid in de stukken aanwijzen die de aanbesteder onbesproken liet — daar volstaat het gebrek aan uitleg om de gunning te doen schorsen, zonder dat u moet bewijzen dat de begunstigde de selectie niet haalt. En vraag de vertrouwelijke behandeling van uw eigen offerte: die belet de Raad niet de stukken zelf te onderzoeken.
Te onthouden
- De motivering van de kwalitatieve selectie mag algemener en beknopter zijn zolang de procedure geen bijzondere moeilijkheden of vragen doet rijzen en de beoordeling bij lezing van de dossierstukken controleerbaar blijft.
- Zodra er een moeilijkheid opduikt, moet de beslissing die benoemen én uitleggen waarom de aanbesteder haar weggenomen acht; dat is precies wat hier ontbrak.
- Een inschrijver heeft geen recht op zoveel detail dat hij het selectieonderzoek zelf kan overdoen; het zakengeheim rechtvaardigt terughoudendheid over andermans referenties.
- Eenzelfde referentie mag voor meerdere selectiecriteria meetellen wanneer het bestek dat niet uitsluit; arrest nr. 263.286 van 13 mei 2025 zegt niet het tegendeel.
- Het attest van goede uitvoering voor het stabiliteitscriterium noemde enkel een architect en een algemene aannemer — niet de begunstigde en niet de onderaannemer op wiens draagkracht zij steunde — terwijl het bestek een door de bouwheer ondertekend attest eiste.
- Ter zitting bevestigde de aanbesteder dat er geen andere analysetabel van de selectiecriteria bestaat, zodat de aangevochten tabel het volledige motiveringsmateriaal vormde.
- De tweede gunningsbeslissing werd geschorst met onmiddellijke uitvoering van het arrest; de kosten en de rechtsplegingsvergoeding werden aangehouden.
Waarop letten
- Het scharnier tussen ‘geen bijzondere moeilijkheden’ (beknopte motivering volstaat) en ‘een moeilijkheid duikt op’ (de beslissing moet ze benoemen en oplossen).
- Of het attest van goede uitvoering de partij aanwijst wier bekwaamheid ermee wordt bewezen, en of het is ondertekend door wie het bestek vereist.
- Dat een beroep op de draagkracht van een onderaannemer zichtbaar moet zijn in de selectiebeoordeling, per criterium.
- Dat de Raad hier enkel prima facie oordeelde: over de vraag of Triangle Architectes de selectie werkelijk haalt, is nog niets beslist.
- Dat vertrouwelijkheid van stukken de Raad niet belet ze zelf te onderzoeken — zij schermt de tegenpartij af, niet de rechter.
- De verhouding tot de eerste ronde: een intrekking plus bijkomende bevraging volstaat niet als het resultaat van die bevraging niet in de motivering landt.
Stel jezelf de vraag
Bevat uw selectietabel voor elk criterium een appreciatie die iets zegt over déze referentie — of enkel de mededeling dat het criterium is bereikt? Hebt u elk punt waarover uw eigen dossier vragen oproept uitdrukkelijk benoemd en uitgelegd waarom u het opgelost acht? Wijzen de attesten van goede uitvoering ook werkelijk de inschrijver of de onderaannemer aan wiens bekwaamheid u erdoor bewezen acht, en zijn ze ondertekend door wie uw bestek vereist? Is duidelijk voor welke criteria een beroep op de draagkracht van derden is gedaan, en om welke entiteit het gaat? En als inschrijver: hebt u één aanwijsbare tegenstrijdigheid in de stukken, of vraagt u in werkelijkheid het volledige dossier van een concurrent op?
Gerelateerde arresten
Over deze databank
De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →