Verwerping Nederlandstalig college

Het werkelijk voorwerp van de opdracht bepaalt de vereiste erkenningscategorie — en het PV van opening hoeft niet actief te worden verspreid

Arrest nr. 264723 · 31 oktober 2025 · XIVe

De Raad verwerpt twee middelen: de aanbestedende overheid mocht redelijkerwijze een erkenning in ondercategorie F2 vereisen omdat staalwerk het grootste percentage van de aannemingssom vertegenwoordigt, en het niet actief verspreiden van het PV van opening via e-Procurement is geen schending wanneer de voorlopige rangschikking wel werd meegedeeld.

Wat gebeurde er?

De stad Oudenburg gunt de inrichting van een uitkijkpunt in een kerktoren in openbare procedure (prijs als enig criterium) aan de BV S.M. De verzoekende maatschap, initieel laagst gerangschikt, wordt na rekenkundig nazicht tweede omdat zij de opties niet in hun totaalprijs hadden meegerekend (van €511.449 naar €586.306). Zij voeren twee middelen aan. Eerste middel (drie onderdelen): (1) geen PV van opening meegedeeld, (2) onvoldoende motivering van het rekenkundig nazicht dat de rangschikking wijzigde, (3) geen motivering hoe met door verzoeker aangebrachte hoeveelheidsverbeteringen werd omgegaan. Tweede middel: de vereiste erkenning in ondercategorie F2 (metalen draagstructuren) is te beperkt — de complexiteit van de werken in een kerktoren vereist categorie D of minstens F, en de gekozen inschrijver heeft die niet.

Waarom doet dit ertoe?

Dit arrest geeft heldere richtlijnen op drie vlakken die voor de dagelijkse aanbestedingspraktijk relevant zijn. Ten eerste erkenning: het is het werkelijke voorwerp en de werkelijke omvang die bepalen welke erkenningscategorie vereist is, niet het formele etiket in het bestek. Een aanbesteder mag opteren voor een ondercategorie als het betreffende specialisme het grootste percentage van de aannemingssom vertegenwoordigt — ook al omvat de opdracht bijkomende werken van andere aard. Het loutere feit dat er een post 'werfcoördinatie' staat of dat werken in een moeilijke omgeving (kerktoren) plaatsvinden, maakt er nog geen 'complexe opdracht' van in de zin van het MB Erkenning. Ten tweede PV van opening: bij elektronische indiening via BOSA hoeft het PV niet actief te worden verspreid. De aanbesteder moet wel het gepaste gevolg geven aan een verzoek tot inzage. Ten derde motivering bij rekenkundig nazicht: wanneer de rangschikking wijzigt, moet dit afdoende worden gemotiveerd, maar het normdoel is bereikt als de inschrijver aan de hand van de beschikbare documenten met kennis van zaken kan nagaan of de beslissing rechtmatig is.

De les

Een te ruime interpretatie van 'complexe opdracht' die een erkenning in een hoofdcategorie zou vereisen, kan mededingingsbeperkend werken. Omgekeerd: als de specificieke werken (hier: staalwerk) het grootste aandeel vertegenwoordigen, is de overeenkomstige ondercategorie de juiste keuze. De bijkomende werken worden gedekt door art. 5, §6 KB Erkenning (aanvullende werken).

Te onthouden

  • De erkenningsregeling is niet absoluut gebonden aan wat in het bestek staat — het werkelijke voorwerp en de werkelijke omvang zijn beslissend. Maar het feit dat het werkelijke voorwerp afwijkt, moet door de verzoekende partij met de vereiste ernst worden aangetoond. Een 'gevoel van complexiteit' volstaat niet.

Waarop letten

  • Let bij het wijzigen van erkenningsvereisten via erratum op duidelijke communicatie. De stad Oudenburg ging van D/F/P1/T2 naar F, en vervolgens naar F2 — drie wijzigingen die verwarring konden scheppen. Zorg dat elke wijziging concreet onderbouwd is in het administratief dossier, zodat je bij betwisting kunt aantonen dat de keuze is gebaseerd op een objectieve analyse van het werkelijke voorwerp.

Stel jezelf de vraag

Heb je bij het bepalen van de erkenningscategorie gekeken naar welk type werk het grootste percentage van de aannemingssom vertegenwoordigt? Dat is het wettelijke criterium, niet een intuïtieve inschatting van complexiteit. Verstuur je na opening van de offertes de voorlopige rangschikking aan alle inschrijvers via het e-Procurement platform? Dat is de wettelijke verplichting bij openbare procedures onder de Europese drempel met prijs als enig criterium. Wanneer het rekenkundig nazicht de rangschikking wijzigt, motiveer je dan concreet waarom? Het normdoel is dat de inschrijver met kennis van zaken kan beoordelen of een beroep zinvol is.

Over deze databank

De Raad van State is het hoogste administratieve rechtscollege in België. Bij geschillen over overheidsopdrachten — van de gunning van een contract tot de uitsluiting van een inschrijver — is het de Raad van State die in laatste instantie oordeelt. De arresten in deze databank zijn door TenderWolf samengevat in begrijpelijke taal, met concrete lessen voor inschrijvers en aanbestedende overheden. Bekijk alle arresten →